Denemarken, Faeröer

Greet Vandenbulcke
Greet Vandenbulcke

De Faeröer-eilanden in slow travel mode …

Hoe komt iemand op het idee om op vakantie te gaan naar de Faeröer-eilanden? Gewoon door de wereldkaart te bekijken en te bedenken dat een kleine eilandengroep gelegen tussen Noorwegen, IJsland en Schotland niet anders dan de moeite kan zijn. Na wat googelen besluiten we ervoor te gaan. Met de kinderen.

De kinderen (twee en zes jaar jong) houden niet van te veel en te snel. We kiezen daarom voor onze eigen wagen en de boot tussen Hirtshals en Tórshavn, de hoofdstad van de Faeröer. Een enkele reis van 48 uren, 12 in de auto en 36 op de boot. Ondanks storm op zee slapen de kinderen als rozen in hun kajuit. De smalle gangen, het dek, de speeltuin, de eindeloze zee, ... ze vinden het allemaal even spannend. Wij daarentegen zijn niet kwaad om na een woelige reis terug voet aan wal te zetten. Een speciaal gevoel is het wel om met je eigen wagen een eiland op te rijden zo ver verwijderd van al zijn buren.

Dat water en boten een grote rol zullen spelen tijdens deze reis ligt voor de hand in een land dat uit 18 eilanden bestaat. De totale oppervlakte is echter een pak kleiner dan die van België. Geen grote afstanden dus.   


Nólsoy, Sandoy en Vágar

Vanuit Tórshavn bezoeken we het eiland Nólsoy. Na een korte overtocht staan we in een klein kleurrijk dorpje, het enige op het eiland. We voelen meteen dat dit een complexloze reis wordt. Alles straalt hier eenvoud en rust uit. Dit is waarvoor we gekomen zijn! Na een eerste verkennende wandeling doen we ons in een piepklein cafeetje te goed aan wafels en echte warme choco. 

De volgende dag maken we de oversteek naar Sandoy. Vier seizoenen in één dag is hier normaal en na een vrij zonnige ochtend valt onze picknick op een strandje letterlijk in het water. Maar de mensen zijn behulpzaam. Van een voorbijrijdende boer krijgen de kindjes chocomelk en de chauffeur van een bestelwagen biedt ons een lift aan. Kindjes op schoot, man in de laadruimte. 

Dezelfde avond rijden we door naar Sørvágur, een dorpje vlakbij de bescheiden luchthaven op het eiland Vágar en de ideale uitvalsbasis voor een dagtrip naar Mykines, het eiland van de papegaaiduikers. Met slechts één kleine boot per dag ernaartoe en maar een tiental bewoners op het eiland zelf, is het er ondanks zijn must-do status nooit druk. De kinderen zijn dol op de schattige ‘puffins’ die je van heel dichtbij kunt zien. De hangbrug naar de vuurtoren is vandaag helaas gesloten, maar de rest van het eiland heeft nog genoeg natuurschoon te bieden. Terug op Vágar rijden we nog naar Gásadalur, een dorpje dat tot 2006 enkel te bereiken was via een steile trap langs de kliffen. Wij kunnen gelukkig gewoon door de tunnel om de zich recht in zee stortende Múlafossur-waterval te bewonderen. De terugrit naar ons vakantiehuis is ronduit indrukwekkend. In het avondlicht hebben we een prachtig zicht op Mykines en Tindhólmur, het onbewoonde eiland met de vijf pieken. Als zelfs de kindjes er stil van worden… 

Onze laatste dag op Vágar vraagt om een wandeling langs het grootste meer van de Faeröer-eilanden, Sørvágsvatn, tot aan de Bøsdalafossur- waterval die vanuit het meer de zee in raast. 

Streymoy en Kalsoy

Als er al een toeristische activiteit is op de Faeröer, dan hebben we het gevoel dat dat de boottocht naar de Vestmanna birdcliffs is. Al is het zeker geen weggegooid geld. Het is de moeite om de kliffen eens van aan de voet te zien en op deze manier zien we ook de eilanden Koltur en Hestur. Bovendien is de rit naar Vestmanna prachtig. 

Twee dorpjes die je zeker gezien moet hebben, zijn Saksun en Tjørnuvík en laat deze nu net met elkaar verbonden zijn via een fantastische wandeling. Saksun bestaat uit niet veel meer dan een kerk en een boerderij, maar de ligging is ronduit adembenemend. Na een steile klim zie je achter de bergkam Tjørnuvík met zijn zwarte strandje liggen in de diepte. Ik doe deze tocht alleen met mijn oudste dochter. Ze geniet zichtbaar van het klauteren over de rotsen en zwaait van op de berg naar haar zusje dat ons beneden opwacht. Zij had ook een fijne dag, ze wuifde naar de Deense kroonprins en -prinses tijdens hun bezoek aan Tjørnuvík. Zalig hoe alles je hier gewoon overkomt! 

Op het eiland Kalsoy is er maar één weg die door vijf aardedonkere tunnels leidt. In het dorp Mikladalur komen we tot slot langs het beeld van de Kópakonan ofwel ‘the Seal Woman’. Haar legende en deze ruige plek aan de kust spreken tot de verbeelding.  

Borðoy, Fugloy en Viðoy

Wat vooral bij de kinderen nog meer tot de verbeelding spreekt, is de helikoptervlucht die de volgende dag gepland staat. Helikopters maken op de Faeröer deel uit van het dagelijks openbaar vervoer. Je vliegt mee voor een appel en een ei. Wij vliegen vanuit Klaksvík via een tussenstop op het eiland Svínoy naar één van de meest noordelijke eilanden, Fugloy. Met op dat moment slechts 16 inwoners is ons einde-van-de-wereld-gevoel hier compleet. Wat doet het plezier om de kinderen zorgeloos in de weides en riviertjes te zien spelen. En wat smaakt een simpel stuk brood met choco hier lekker! De boot die ons naar Hvannasund op het eiland Viðoy brengt, komt naar ons gevoel te vroeg; te laat komen is echter geen optie. Hier moet je door het moeilijke aanmeren letterlijk op de boot springen vóór hij weer vertrekt. We varen doorheen de fjorden, altijd mooi meegenomen als het openbaar vervoer ook meteen een sightseeing trip is. In Hvannasund staat een busje klaar om ons terug naar Klaksvík te brengen. Geregeld met een telefoontje van de kapitein, zo gaat dat hier. 

Het plan om naar de hoogste top van de eilanden, de 880 meter hoge Slættaratindur, te wandelen, valt letterlijk in het water. De onophoudelijke stortregen die ochtend houdt ons binnen. Wanneer het na de middag opklaart, is het te laat om er nog aan te beginnen, maar een bezoekje aan de charmante dorpjes Gjógv en Eiði is ook niet verkeerd. Vooral de route langs de Slættaratindur met zicht op de fjorden kan bekoren.  

Suðuroy en Tórshavn 

Onze voorlaatste nacht spenderen we op het meest zuidelijke eiland Suðuroy in een alleenstaande cabin zonder elektriciteit aan een meer. We krijgen enkel gezelschap van de gierende wind. We slapen met z’n vieren dicht bij elkaar en vinden dat voor één keertje geweldig. De volgende dag verzamelen we op het strand mooie ronde keien om thuis te beschilderen zoals men dat hier ook doet. Een souvenir voor op de kamers! 

Vóór onze boot terug naar Denemarken vertrekt, hebben we nog een dagje Tórshavn te goed. Het pittoreske oude stadsgedeelte Tinganes, de kleurrijke bootjes in de haven en de boekenwinkel met koffiehuis waar we met plezier een uurtje of twee in verdwalen, vullen probleemloos onze dag. 

Op de boot weegt het wegvaren van de steeds kleiner wordende eilanden toch op ons gemoed. Deze plek heeft zich diep in ons hart genesteld. Als om ons te troosten, houdt de zee zich koest en straalt de zon ’s anderendaags de hele dag op het dek. Deze keer vinden we het minder fijn om terug voet aan wal te zetten.     


Interesse in een rondreis op Faeröer? Ik help u graag verder!
Greet 

Contacteer Greet

In beeld

3_Sandoy_510_Suduroy_47_Saksun_Tjornuvik_217_Saksun_Tjornuvik_55_Mykines_99_Gjogv_Eidi_22_Nolsoy_47_Saksun_Tjornuvik_2210_Suduroy_115_Mykines_76_Vestmanna_51_Torshavn_46_Vestmanna_15_Mykines_33_Sandoy_1Nolsoy_04_Vagar_2_439_Gjogv_Eidi2_Nolsoy_124_Vagar_1_364_Vagar_1_3010_Suduroy_910_Suduroy_144_Vagar_3_97_Saksun_Tjornuvik_174_Vagar_2_328_Klaksvik_Kalsoy_Northern_Islands_264_Vagar_1_291_Torshavn_67_Saksun_Tjornuvik_238_Klaksvik_Kalsoy_Northern_Islands_315_Mykines_114_Vagar_2_31

Onze reisverhalen

Een stevige brok natuur!

Ierland

Een ijzingwekkende expeditie. Bestemming Noordpool!

Noorwegen, Verenigd Koninkrijk, Groenland, Svalbard & Jan Mayen

Onze reizen

Faeröer per selfdrive

Denemarken, Faeröer

Shortbreak Ijsland

Ijsland

Deel via mail!