Reisverslag

Costa Rica, de tuin van Midden-Amerika

Bezocht door: Patrick

Wakker worden van het kabaal van brulapen is eens wat anders dan de IPhone wekker.’s Morgens om 6 uur vertrekken we al voor een boottocht met gids door de kanalen van Parque National Tortuguero. De weelderige, altijd groene begroeiing van het laanglandregenwoud is indrukwekkend. Ideaal om er dieren te observeren en die zijn er werkelijk in overvloed. Net zoals op National Geographic trippelt een Jesus Christ Lizard over het water. Maar ook luiaards, leguanen, kaaimannen, schildpadden, gifkikkers, boa constrictors, verschillende soorten apen en ontelbare watervogels staan reeds op mijn geheugenkaartje nog voor we als ontbijt de ‘Gallo Pinto’ naar binnen werken. Na de lunch slenter ik door het dorp Tortuguero met een driehonderdtal inwoners en geen auto’s gelegen aan het gelijknamig nationaal park. Als de nacht valt leggen hier honderden zeeschildpadden van juli tot oktober in het caraibische zand er hun eieren. Dit natuurspektakel is niet te missen. De lokale inwoners zien de schildpadden vandaag als het lokale goud, daar waar er 30 jaar terug soep van werd gemaakt.

In Guapiles gaat het nu met de huurwagen verder, en dat mag gerust een degelijke wagen zijn om doorheen Costa Rica te rijden. Op de weg naar het wereldberoemde nevelwoudbioreservaat van Monteverde toont onze Toyota Prado meteen zijn nut.  De laatste 35 km naar Monteverde toe gaan over een onverharde weg met flink wat gaten en stenen. We worden aardig door elkaar geschud, maar worden getrakteerd op schitterende landschappen. Het nationaal park ligt op 1400 meter en is veelal in nevel gehuld. Dit is de streek van de hangende bruggen, waarop je lopend op boomtop hoogte door de natuur wandelt. Het blijft indrukwekkend, vooral om te ervaren waar de naam 'nevelwouden' vandaan komt. Plots komt er ineens een wolk mistige nevel langs drijven die je het zicht ontneemt. We wandelen de Sendero Bajo del Tigre over een uitgezette route van drie kilometer in het Bosque Eterno de los Ninos. We rusten uit op een hooggelegen plek met een adembenemend uitzicht over de vallei beneden en op de bergen aan de overkant. We zien er gieren, kaketoes, en toekans. Kolibries zijn er bij bosjes en moet je zo ongeveer van je af slaan.

Vroeg op, het is een behoorlijk lange tocht naar Quepos. Onderweg stoppen we bij een brug over een smal stuk water. Eerst zien we niets, maar als je wat langer kijkt zie je steeds meer krokodillen. Ze zijn behoorlijk lang en duiken soms onverwacht vanuit het modderige water omhoog. Quepos ligt aan de zee en heeft een mangrovebos. Het huren van een kano is de ideale manier om dat mangrovebos van dichtbij te bekijken. Het water staat in verbinding met de zee en aangezien het vloed is varen we vrij hard. Tegen de schemering vliegen er veel ibissen, lepellaars en reigers over. Manuel Antonio National Park is een tropisch regenwoud met drie prachtige stranden. De zee, de rotsen en het regenwoud zorgen ervoor dat hier zo’n 180 vogelsoorten rondvliegen, maar de stranden nodigen vooral uit om hier wat langer te blijven en te genieten. Een aantal kleinere hotels in deze regio zijn echte pareltjes en hier de reis afsluiten is werkelijk genieten.

Geïnteresseerd in Costa Rica ? Contacteer Patrick Devos op 056/243882 of per mail.  Hij adviseert je graag in de mogelijkheden van een individuele rondreis op maat doorheen Costa Rica.  Pura Vida !

TERUG NAAR REISVERSLAGEN

Fotoboek

Nieuwsbrief

Wilt u als eerste op de hoogte zijn van promoties, nieuwe reizen en onweerstaanbare bestemmingen?

Schrijf u in op onze nieuwsbrief!