Kathmandu

Veel mensen die in Katmandu uit het vliegtuig stappen zijn op een aangename manier verrast - al snel leiden alle bezienswaardigheden, geluiden en geuren tot overbelasting van alle zintuigen.

Of het nu het zoemde geluid is van het vervuilde verkeer als je in een taxi zit, je in de smalle kronkellige straatjes van de oude stad in een riksja rondgereden wordt, als je je verbaasd over Durbar Sq of probeert de tijgerbalsemverkopers te ontwijken of een trekpaardentocht in Thamel meemaakt: Kathmandu kan een bedwelmende, verbazingwekkende en vermoeiende plaats zijn. Als grootste (en ongeveer de enige) stad van het land, voelt Kathmandu tevens aan als een ontwikkelende wereldstad in een modern tijdperk van beton en luchtvervuiling. Als je een wandeling maakt door de straatjes, merk je dat de hoofdstad verbazingwekkend cultureel is en het artistiek erfgoed tot uiting komt in de verborgen tempels met goudsbloemen, binnenplaatsen vol droge chilli en rijst en kleine bedrijfjes bijna niet zijn veranderd zijn sinds de Middeleeuwen. Kathmandu is sinds 1960 het mekka voor reizigers, maar vandaag de dag is de kans kleiner dat je nog een hippie tegenkomt die op zoek is naar verlichting dan dat je een in goretex geklede toerist vindt op zoek naar goede espresso. Ondanks dat het aantal toeristen daalt en de politieke spanningen juist stijgen - de laatste jaren zijn erg onzeker geweest- zijn de bewoners goed gehumeurd. Kathmandu is voor een weekje de moeite waard, maar steek niet te veel tijd in het toeristische Thamel. Geniet van de internetcafés, de westerse muziek en de citroen cheesecake, maar vergeet niet ook naar het 'echte Nepal' te gaan voordat het te laat is.

  • De ideale periode om Kathmandu te bezoeken:
    • maart
    • april
    • mei
    • oktober